ATLETEN
Raymond
Krachttraining · discipline · blijven bewegen
01
Stilzitten is nooit echt mijn ding geweest
Sport loopt eigenlijk al mijn hele leven als een rode draad door mijn verhaal. Als jongen was het vooral voetbal: trainen bij de club, wedstrijden spelen en daarna buiten op straat gewoon weer verder. Ik wilde simpelweg voetballen.
Later kwamen daar tennis, basketbal, golf en vissen bij. Dat lijken misschien totaal verschillende werelden, maar voor mij zit er steeds hetzelfde in: zodra ik met een sport bezig ben, ben ik ook echt alleen daarmee bezig. Mijn hoofd staat even nergens anders naar. En ja, ik vind het leuk — maar stiekem wil ik ook gewoon winnen.
Ik doe dingen bovendien niet graag half. Als ik ga tennissen, heb ik voor mijn gevoel binnen de kortste keren een halve collectie rackets en schoenen. Ga ik golfen of vissen, dan staat de schuur net zo makkelijk vol. Misschien soms een beetje overdreven, maar zo zit ik nu eenmaal in elkaar: als ik iets doe, ga ik volle bak.
02
De spiegel gaf mij een wake-upcall
Na een golfreis in 2020 kwam ik thuis en zag ik in de spiegel een lichaam waar ik mij niet prettig bij voelde. Ik woog op mijn zwaarst ongeveer 105 kilo. Met mijn lengte kan ik dat misschien best hebben, maar voor mij voelde het niet goed. Mijn conditie bleek bovendien een stuk minder te zijn dan ik in mijn hoofd nog dacht.
Ik wist: hier moet ik iets mee. Alleen gingen kort daarna door corona de sportscholen dicht. Via iemand uit mijn netwerk kon ik toch met personal training beginnen. Die eerste training viel zwaarder dan verwacht; ik stond bijna over mijn nek. Daar had ik natuurlijk ook kunnen besluiten dat het niets voor mij was. Bij mij werkte het juist andersom. Het wakkerde mijn competitiviteit aan: dan wil ik weten hoe ver ik wél kan komen.
Na een paar weken voelde ik al verschil. Ik hield oefeningen langer vol, werd sterker en zag mijn lichaam veranderen. Dat snelle eerste resultaat gaf mij de bevestiging dat mijn aanpak werkte.
03
Ik ga graag volle bak
Op dit moment probeer ik vier keer per week krachttraining te doen. Ik zeg daar eerlijk bij dat ik een trainingsmaatje goed kan gebruiken. Als diegene er niet is, rijd ik soms nét iets te makkelijk door naar huis met het idee dat ik morgen wel ga. En morgen kan zomaar overmorgen worden.
Met een afspraak en iemand die zegt: ‘Natuurlijk gaan we vandaag trainen’, sta ik er gewoon. Eenmaal binnen vind ik het ook weer heerlijk. Zelfs na een periode zonder beentraining, wanneer ik precies weet hoeveel spierpijn eraan komt, wil ik terug naar het niveau waarop ik het tempo en het gewicht weer aankan.
Mijn doel is niet om eruit te zien als de grootste jongen in de sportschool. Ik wil een atletischer lichaam, fit blijven en mezelf blijven uitdagen. Zie ik dumbbells van vijftig kilo liggen, dan denkt dat competitieve stemmetje toch: die wil ik ooit een keer wegdrukken. Nu nog even niet — maar een doel mag er zijn.
04
Een afgescheurde achillespees zet alles stil
Tijdens het padellen scheurde ik mijn achillespees af. Ik was nog maar ongeveer een uur bezig en toen was het klaar. Dat was domme pech, maar het herstel was stevig. Mijn linkerbeen en voet kon ik niet gebruiken en thuis bewoog ik mij zelfs een tijd op een bureaustoel met wieltjes voort.
Voordat ik weer volledig kon sporten, was ik ongeveer een jaar verder. Dan begin je voor je gevoel opnieuw. Tegelijk merk je pas echt hoe blij je mag zijn als je lichaam sporten wél toelaat. Sindsdien ken ik mijn lichaam beter en weet ik hoe snel iets kan veranderen.
Naarmate ik ouder word, probeer ik slimmer te trainen. Heb ik last van bijvoorbeeld mijn schouder, dan train ik eromheen en zorg ik dat de spieren eromheen sterker worden. Blijven bewegen is voor mij geen garantie dat er nooit iets gebeurt, maar het helpt mij wel om sterker en weerbaarder te blijven.
05
Je wordt niet zwaar tussen kerst en nieuwjaar
Ik let op mijn voeding, maar het hoeft geen toneelstuk te worden. Staat er op kantoor een gebakje omdat iemand jarig is, dan sla ik dat echt niet altijd af. Het gaat er voor mij niet om wat je tussen kerst en nieuwjaar eet, maar om wat je de rest van het jaar doet.
Een dag op de bank met een zak chips is heerlijk. Wordt dat je dagelijkse routine, dan is het een ander verhaal. Ik kijk daarom vooral naar het totaal over weken, maanden en jaren. Iets lekkers betekent niet dat alles meteen mislukt is.
Mijn zwakke plek is snoep, vooral zuur snoep. Als ik weet dat het in huis ligt, gaat het meestal ook op. Daarom haal ik het bewust niet altijd. Dat werkt voor mij beter dan iedere avond opnieuw een discussie met mezelf voeren.
Trainingsfrequentie
Ik probeer vier keer per week krachttraining te doen.
Huidige focus
Een atletischer lichaam opbouwen en fit blijven terwijl ik ouder word.
Herstel
Na mijn afgescheurde achillespees weet ik hoe waardevol het is dat ik kan bewegen.
Uitgangspunt voor voeding
Niet één gebakje, maar je gewoontes over maanden en jaren maken het verschil.
Mijn zure zwakke plek
Zuur snoep. Het liefst zo zuur dat mijn tong daarna als schuurpapier voelt. Daarom haal ik het maar beter niet te vaak in huis.
06 — GEZONDHEID
Sport geeft mij meer dan een sterk lichaam
Ik heb clusterhoofdpijn. Voor mij bleken onder andere alcohol en suiker belangrijke triggers. Daarom ben ik veel bewuster gaan leven, heb ik alcohol sterk beperkt en ben ik fanatieker gaan sporten. Sinds ik dat doe, heb ik geen nieuwe clusterhoofdpijnaanval meer gehad.
Dat is mijn persoonlijke ervaring en voor mij een heel duidelijke drijfveer. Alcohol laten staan voelt daardoor niet als een dagelijkse strijd. Mensen kunnen zeggen dat het ongezellig is als je niet drinkt, maar ik voel mij er goed bij en weet waarvoor ik het doe.
Sport helpt mij ook mentaal. Als ik train, golf of met een andere sport bezig ben, ben ik even niet bezig met werk, zorgen of alles wat nog moet. Het is afleiding, een uitlaatklep en uiteindelijk krijg ik er juist energie van.
07 — MIJN TIP
Maak het onderdeel van je leven
Mijn belangrijkste advies is heel eenvoudig: ga het doen. Kijk eerlijk naar wat je eet, beperk wat je tegenwerkt en begin met bewegen. Vind je de sportschool spannend, neem dan een vriend, collega of partner mee.
Denk niet meteen dat je dit de rest van je leven perfect moet volhouden. Spreek eerst één of twee maanden met jezelf af en kijk wat het met je doet. Zoek eventueel een sportschool bij je werk en train voordat je naar huis rijdt. Dan gebruik je je tijd slim en vermijd je misschien ook nog de file.
Wat er in maanden of jaren bij is gekomen, poets je niet in twee weken weg. Het gaat om consistentie. Zodra bewegen onderdeel wordt van je normale bestaan, hoef je niet iedere keer opnieuw op motivatie te wachten.